maandag 14 oktober 2013

Een mes in bushcraft is een belangrijk stuk gereedschap. Vanzelfsprekend moet deze altijd scherp zijn. Botte messen zijn gevaarlijke messen. Bij het gebruik van scherp gereedschap is altijd een instructie omtrent de veiligheid zeer aan te bevelen. Een snee in de vingers is klein leed, maar een snee in de bovenbenen kan zeer gevaarlijk zijn.



Op het plaatje hierboven zie je de loop van de belangrijke aderen. Aan de binnenkant van het dijbeen (lies) de Arteria femoralis (mooi scrabble woord).
Op de armen Arteria radialis en Arteria brachialis (driedubbele woordwaarde).
Veel mensen die met een mes snijden, houden het werkstuk op de bovenbenen (de driehoeks-gevarenzone, lopende van het kruis naar beide knieën) en bewerken dit met het mes. Een ander veelgemaakte fout is het werkstuk op de onderarm leggen en vasthouden of tegen de buik aan en met een verkeerde houding snijden komt ook regelmatig voor.

Als het mes uitschiet is het leed niet te overzien, vooral niet als je alleen in het bos bezig bent. Hoe leg je dan snel een tourniquet om een slagaderlijke bloeding te stoppen? Daar zijn speciale klemmen voor (OHT modules - One Handed Tourniquet) maar vallen buiten de scope van dit artikel.

Met een correcte snijtechniek en veiligheidsinzichten kunt u het risico naar bijna nul terugbrengen. Hieronder geef ik u een aantal regels voor het veilig omgaan met een mes:

  • Mes mee is EHBO-kit (FAK) mee (op de man).
  • Een goed scherp mes is veiliger dan een bot mes. Er is immers minder kracht nodig, hierdoor is de kans op uit- of doorschieten veel minder groot.
  • Zorg voor een ruime veilige werkruimte. Je kunt deze bepalen door een gestrekte arm uit te steken, als een cirkel om je heen en niemand te raken. Indien iemand in de werkcirkel komt, stop je direct met werken en doe je het mes in de schede.
  • Snij alleen aan je werkstuk met volle aandacht.
  • Indien men vermoeid is geen mes gebruiken.
  • Indien de avond valt (dus al met schemer) is het zicht minder, geen mes gebruiken.
  • Snij nooit aan je werkstuk als deze op een lichaamsdeel rust. Bijvoorbeeld op de dijen. In de dijen lopen een belangrijke slagaderen en -spieren. Indien je deze niet kan afknijpen ben je binnen 4-5 minuten klaar.
  • Stel vast waar het mes naar toe kan gaan indien je uitschiet voordat je de snee inzet, controleer of er geen lichaamsdelen geraakt kunnen worden.
  • In zittende houding, plaats de ellebogen op de knieën met snijden en zet de onderbenen stevig rechtop (dus niet naar binnen !).
  • Laat je mes niet rondslingeren, niet (direct) gebruiken is altijd terug op in de schede aan de gordel of om de nek. Vermijdt lopen met een mes in je hand. Je kunt het verliezen, iemand kan er op gaan staan of per ongeluk tegenaan stoten.
  • Pak een schede niet rondom beet indien je het mes eruit trekt. Zelfs bij een kunststofschede kan een goed scherp mes door de schede heen snijden. Pak deze dus aan de platte kant van de schede beet, met de snijkant van de hand af.
  • Het aan- of doorgeven van een mes gebeurt of in de schede of met het scherp naar boven en naar de aangever toe liggend op de hand tussen duim en wijsvinger. Zodat de aangever zich niet snijdt (rug van het mes op de hand) en de ontvanger het handsvat pakt. Zorg eerst voor oogcontact!
  • Houdt een mes altijd stevig vast. Niet los in de hand, het mes kan vallen ! De duim gehaakt over de vingers.
  • Houdt het mes met het scherp in de lengte richting van de onderarm met een rechte pols. Dit is de beste manier om kracht te kunnen zetten en het meest comfortabel, het hele lichaam kan dan gebruikt worden om kracht te zetten. Snijden vanuit de pols alleen om het mes te ondersteunen of lichte snijwerkzaamheden.
  • Vermijdt hameren op de achterkant van een mes om de punt in het hout te krijgen.

De lijst is veelal voorzien van logische regels. We gaan verder met een aantal snijtechnieken die naast veilig zeer efficiënt werken.

Snijtechnieken:
  • Straight arm cut - Rechte greep, een snede met een gestrekte of licht gebogen arm van het lichaam af. Je houdt het mes als het ware stil en trekt het hout langs het mes.
  • Reverse grip and Chestlever grip - Tegengestelde greep, het mes is recht tegengesteld in de hand. Voor een borsthefwerking met de schouderrugspieren. (Chestlever) is het verstandig om je duim op de platte kant van het mes te houden. Je houdt het mes stil, onderkant van de hand die het mes goed vasthoudt tegen de borst en trekt het hout langs het mes.
  • Knee cut – de achterkant van het mes in de holte van de staande knie met de punt van het mes naar de binnenkant van de benen. Trek het hout langs het scherp. Voor een aantal mensen zal dit ongemakkelijk zijn, als de rug van het mes te hard in de holte wordt getrokken.
  • Stop cut and Push cut – Wiebel het scherp op de tak totdat deze 2-3mm in het hout snijdt, vervolgens van de zijkant insnijden. Het insnijden gebeurt door het mes niet te hard vast te houden en met de duim te duwen op de rug van het mes nabij de punt. Dit is met name voor het fijnere werk.
  • Sqeeze cut – Is met het mes naar de duim te snijden, echter zijwaarts naast de duim, de duim ondersteunt de tak en het mes geklemt in de vingers. Er is een korte en fijne snij actie, einde van een tak wordt dit veel gebruikt.
  • Drill cut – Grootste fout is het hout in de hand te houden/op het been te leggen. Leg de tak/stam op de grond of tegen een hard oppervlakte zoals een boom. Pak het mes in de lengte goed beet en ondersteun het blad op de zij met de duim, tegen de rug aan (of ver weg van het scherp). Draai gecontroleerd en rustig. Niet te dicht bij het been, arm of vingers.


Extra tips:
  • Een dikkere tak kun je makkelijker snijden door deze te buigen en onderspanning te brengen. De vezels worden gespannen en zijn dan makkelijker door te snijden. Dit gaat meestal met een wiebelsnij-actie met een gestrekte arm. Hierdoor kun je je lichaamsgewicht achter het mes zetten.
  • Dikke takken kun je netjes breken door middel van rondom stop- and push cuts voor een aantal mm diep. Je creëert een zwakke plek welke sneller breekt als de rest van de tak.
  • Snij voor het batonnen van hout eerst een wig, als je (enige) mes vast komt te zitten kun je deze éénvoudig vrijmaken door de wig in de split te slaan.
  • Berg een mes schoon en scherp op. Als je goed voor je gereedschap zorgt, zorgt het gereedschap ook voor jou.

De Try-stick (korte versie).

De try-stick is een uitvinding van Mors Kochanski, één van de moderne vaderen van het bushcraft uit Canada. Waarom modern? Omdat bushcraft al duizenden jaren oud is.
Het doel was om snijtechnieken te oefenen en je mes te leren kennen. Ieder mes met een andere vorm heeft andere plus- en minpunten. Door middel van deze snij-oefening creeër je mucle-memory, inzicht in het snijden en vooral hoe jezelf niet te snijden.
Als houtsoort kan ik hazelaar of wilg aanbevelen. Dit is een houtsoort die zich aardig laat snijden. Eiken is simpelweg te hard, zeker voor de beginnende oefenaar. De houtchips kun je bewaren voor een kampvuur. Een andere oefening is het maken van een featherstick. Deze delicate oefening leert je met het mes te 'voelen' hoe het scherp door het hout gaat.
Maar nu verder met de try-stick, de cuts en notches zijn als volgt:


1 - Trimmed End (Tegen splijten)
2 -  V-Notch
3 - Diameter reduction (Rond)
4 - Mitred Lapped Notch (aka Wedge Notch)
5 - Latch Notch (Deadfall trap)
6 - Straight (Square) Notch (Packframe constructie/Deadfall)
7 - Cross Notch (Contruction)
8 - Pothook Notch (Rond)
9 - Squared Cut Notch.
10 - Stretched Round Notch (Packframe constructie)



Indien u dit artikel wilt gebruiken voor een workshop, dan vraag ik u deze in zijn geheel inclusief naamsvermelding aan te bieden.


Rody Klop - Trailtraveller Bushcraft. Copyright 2013.




0 reacties:

Een reactie plaatsen

Subscribe to RSS Feed Follow me on Twitter!